Luisteren:
We
gaan er eens even voor zitten en we pakken een aantal muziekstukken,
waarvan bekend is dat ze veelal iets teweeg brengen bij de mensen die ze
beluisteren. Puur vanwege de
opnametechniek, het genre of de emotie die eruit spreekt.
Het genre is als volgt te omschrijven: Jazzy, vrouwen vocaal, bluesy,
Clapton enz. Jullie merken
het, een verscheidenheid aan muziekstukken doen de ronde.
Freek
heeft de baszuilen aan de buitenzijde opgesteld staan en de midden/hoogpanelen
aan de binnenzijde. Wat direct opvalt bij het beluisteren van grote
Infinity’s is het open hoog met de gigantische spreiding.
Het maakt een wel bijna overweldigende indruk, die mij telkenmale weer stil
doet worden.
Het
hoog vertoont bij enkele muziekstukken een enkel scherp randje, maar dit
is veelal terug te voeren naar de opnamen.
Ik heb het bijvoorbeeld nooit anders gehoord in het nummer van Bob
Dylan. Het laag, geproduceerd
door vier keer dertig centimer woofers aan elke kant, is ingeregeld met
een 10B van Bryston. Normaal
gesproken mogen we daar een servo-controller vinden, maar die van Freek
gaf de geest. Nu maakt hij
gebruik van de 10B, die als ruisarmer ervaren wordt dan de bijpassende
servo. Het laag vertoont hier
en daar de neiging teveel te zijn. Gelukkig
zijn in de stukken wel de basloopjes puntig waar te nemen, zonder dat het
doorslaat in een ratjetoe. Bepaalde
passages zorgen er wel voor dat vloer en kast niet ongeroerd blijven van
de gerdraaide muziek. Ze
swingen af en toe mee. Het
totaalbeeld is groot en fors. Na heel veel muziek te hebben gedraaid,
op een vrij fors volume, blijven de Brystons op kamertemperatuur.
Ondanks dat de speakerkabels een m.i. te grote lengte hebben,
raakten de Brystons niet verhit. Er is volgens mij een hoop winst te
behalen in het veranderen van de opstelling, kabelkeuze en niet in het
minst de ontkoppeling.
Ik
wil benadrukken dat Freek een prachtige set heeft, waar met name cd-speler
en DAC er natuurlijk uitspringen.
Wadia, Wadia, mama mia! Wat mooi!
Eten:
Tussen de middag word ik uitgenodigd voor een hapje.
Aan de keukentafel zittend, aan het hoofd, met aan weerzijden papa
en mama en strategisch daarnaast de beide kids.
Het was intens genieten van de heerlijk warme broodjes, met een
keur aan beleg en zoetigheid, maar bovenal geniet ik als “dat jonge spul”
met een mooie rode toet lekker zit te muizen van een broodje.
Prachtig! Wat geniet ik dan intens mee.
Tweede
luistersessie:
Drie kwartier verlaat arriveert het sympathieke importeurspaar van
Perreaux om een demonstratie te geven met twee P350 stereo eindversterkers.
Een is in het zwart, 19” uitvoering met de welbekende “oren”,
de ander is in het zilver in 17” uitvoering.
Technisch zijn de eindversterkers gelijk.
Ze worden naast het rack geplaatst op elkaar, aangesloten en
onderwijl krijgen we een korte uitleg m.b.t. de eindversterkers.
De importeur heeft al een aantal Infinity Kappa 9 bezitters
gelukkig gemaakt met Perreaux en merkt tevens op dat de bezitters van
grote Infinitysystemen niet snel overstag gaan om op een ander merk over
te stappen. Het is maar dat u
het weet. Daarnaast merkt hij
op dat de P350 tot zo’n twee keer 60 Watt klasse A draait en
onvoorwaardelijk stabiel is tot 0,2 ohm. Het boekje zegt dat de P350 350 Watt aan 8 ohm per kanaal
levert en bij 4 ohm 600 Watt per kanaal.
Natuurlijk is de Perreaux onberispelijk van uiterlijk.
Ja, ik durf gerust te zeggen dat hij er indrukwekkend, maar vooral
gelikt uit ziet. Niet
belangrijk voor mij, maar wel vermeldenswaardig.
Daarnaast geven de specificaties aan dat het een krachtpatser is.
Waarom dan geen vermelding wat de versterker beneden de 4 ohm doet
zou je zeggen. De harmonische
vervorming wordt weergegeven met twee cijfers achter de komma, bij
volledige uitsturing bij 8 ohm. De
Bryston meet drie cijfers achter de komma, zowel bij volledige uitsturing
bij 8 als bij 4 ohm. Ik wist
’t van te voren, want er zijn er maar weinig die het beter doen.
ML is er een van!
Na
een opwarmperiode gaan we er met grotendeels dezelfde stukken weer fiks
tegenaan. Perreaux doet het
wat anders dan Bryston. Het
is allemaal wat meer afgerond. De
importeur noemt dit muzikaler, maar om niet te verzanden in een vage
definitie, waarbij lieflijker, wat aangedikt in het laag, softer in het
hoog, noem ik ’t: anders. We
draaien nog even door. Na
ruim een uur op fors volume stappen we over op een andere cd en blijken we
geen hoogaansturing meer te hebben. De
ene Perreaux, die het hoog aanstuurt is in de beveiliging gegaan en is
heet. De importeur geeft als
waarschijnlijke reden op, dat het plaatsen van de versterkers op elkaar
geleid heeft tot oververhitting. Na
een minuut of vier horen we een klik en kunnen we de luistersessie
vervolgen. Na afronding van
de luistersessie worden er ervaringen uitgewisseld. Freek is aangenaam
verrast en ik concludeer dat ik de “rondingen” al eerder bemerkt heb
bij mosfetversterkers. De
boel wordt ingepakt en we nemen afscheid.
Het bovenstaande zou de indruk kunnen wekken dat ik niet veel op
heb met de P350.
Dit
is GEENSZINS het geval. Alleen gaf deze luistersessie mij niet de overtuiging, dat de
P350 voor de Brystonmuziek uitloopt in deze opstelling.
Mocht ik echter ooit mijn Infinity’s verruilen voor Audiostatics,
Magnepans, Quads of soortgelijke luidsprekers, dan ben ik de eerste die
een combinatie zal gaan beluisteren met Perreaux, want Perreaux heeft
indruk gemaakt.
Afscheid:
Rond vier uur neem ik afscheid van Freek.
We spreken over hoe we staan en zoekende zijn in audioland.
Daarna bedank ik hem voor de gastvrijheid en keer huiswaarts.
Een leerzaam dagje waar die avond nog veel over gesproken is, want
ik kreeg m’n “good old mate in Infinity Marcel”
op bezoek.